Hbo-stage kan negatief beeld schoonmaak wegnemen

Tessa Ackers, Hogeschool Utrecht

Vertegenwoordigers van drie hbo-opleidingen Facility Management vertellen over de rol van het onderdeel schoonmaak in hun opleiding en het imago dat leeft bij studenten – ‘Schoonmaak is niet sexy’.

Uit de gesprekken blijkt dat stages ervoor kunnen zorgen dat hbo-studenten hun beeld over de schoonmaakbranche bijstellen. Novon Schoonmaak lijkt een lichtend voorbeeld. Lisanne Kooijmans, 24 jaar en oud-stagiair, verkoos het schoonmaakbedrijf zelfs boven een baan bij de Rabobank.

Schoonmaak onderaan wensenlijstje

‘De crisis kan een positieve kant hebben voor de schoonmaakbranche’, zegt Tessa Ackers, teamleider van de opleiding Facility Management van Hogeschool Utrecht. Volgens haar staat schoonmaak onderaan het wensenlijstje van haar studenten, maar kan de crisis ervoor zorgen dat studenten hun eisen bijstellen.

PS sprak met vertegenwoordigers van drie hbo-opleidingen facility management over het onderwerp schoonmaakdienstverlening binnen de opleiding, hoe studenten tegen het schoonmaakvak aan kijken en hoe de sector zich richting deze groep kan profileren.

Schoonmaak gaat niet alleen over toilet schoonmaken

Hbo-studenten facility management zijn potentiële objectleiders, regiomanagers, adviseurs, accountmanagers en calculatiemedewerkers. Maar, zegt Ackers, ‘zij moeten eerst ervaren dat het in de schoonmaakbranche niet alleen gaat over het toilet schoonmaken.’

Ron van der Weerd, HanzehogeschoolRon van der Weerd, dean van het Instituut voor Facility Management van de Hanzehogeschool in Groningen: ‘Studenten zijn geïnteresseerd in de ondernemende kant: salesmanagement, accountmanagement, klanten bedienen.’

Mathieu Bronneberg van Hogeschool Zuyd vult aan: ‘En als het om uitvoerend werk gaat, is deze groep geschikt voor een functie als objectleider of regiomanager.’

Welke rol speelt schoonmaak in jullie opleiding?

Ackers: ‘Beperkt. Het eerste jaar van de opleiding is een algemeen propedeusejaar Bedrijfskunde. In het tweede jaar maken de studenten breder kennis met facility management. In een van blokken komt onder andere schoonmaak aan bod. Het gaat dan over schoonmaakwerkprogramma’s, calculatie, en contracten. Het tactische niveau dus.

‘Als studenten stage gaan lopen komen ze meer met schoonmaak in aanraking, maar ik zie dat ze dan vooral in het hotelwezen terechtkomen op de afdeling Housekeeping. Dit zijn zo’n 5 tot 10 studenten per jaar van de 90 studenten die op stage gaan. Slechts een enkeling gaat na de opleiding in de schoonmaakbranche aan het werk.’

Schoonmaak in opleiding Facility Management bescheiden

Ron van der Weerd noemt de rol van schoonmaak in hun opleiding ‘vrij bescheiden’. Hij vervolgt: ‘Binnen de opleidingen facility management is er altijd discussie over wat onze studenten moeten weten. Moet een facility manager weten hoe je een vloer schoonmaakt of is hij alleen manager?

‘Schoonmaak is bij ons opgenomen in het onderwijsblok Services, waarin de verschillende diensten binnen FM aan bod komen zoals catering, beveiliging, documentbeheer. We nodigen gastsprekers uit, we hebben het over uitbesteden, de perikelen in de schoonmaakbranche, de stakingen, maar ook de gedragscode. Allemaal managerial aspecten.’

Vragen, klachten en kwaliteit

Mathieu Bronneberg, Hogeschool ZuydBronneberg: ‘In het eerste jaar maken studenten bij ons kennis met de facilitaire diensten. In het tweede jaar hebben we een blok service management; hoe ga je om met vragen en klachten over deze diensten? Hoe bewaak je de kwaliteit? In het derde jaar komen vraagstukken als uitbesteden of inbesteden, exploitatie, benchmarken, inzichten in vierkante meters en kosten aan bod. HRM wordt ook behandeld maar dat zou nog wel meer mogen, vooral omdat het gaat om dienstverlening.’

Hoe kijken studenten tegen schoonmaak aan?

Bronneberg: ‘De schoonmaakbranche wordt als weinig inspirerend gezien. Slechts een enkeling kiest bewust voor de schoonmaaksector en dan is dat omdat ze er iemand kennen of na een stage.

‘Na een stage komen studenten wel vaak met een heel andere kijk op de branche terug en spreekt het toch aan. Ze ervaren dan dat het een dynamisch werkveld is.’

Studenten associëren schoonmaak met operationeel werk

Ackers heeft ongeveer dezelfde ervaring: ‘Studenten associëren de branche met het operationele schoonmaakwerk en die associatie is “schoonmaken is niet leuk”. Studenten hebben het idee dat het een lager niveau is, dat ze slecht betaald worden en hard moeten werken. Dat vind ik jammer.

‘Ik kom zelf uit de schoonmaakbranche; het is een dynamische wereld en een goede leerschool hoe je met mensen omgaat. Of het nu schoonmaak of catering is, dat maakt niet uit. Je hebt dezelfde managementvaardigheden nodig.

Na stage stellen studenten beeld bij

‘Studenten die stage hebben gelopen in de schoonmaakbranche hebben vaak een leuke tijd gehad. Zij stellen hun beeld bij. Nadeel is dat verhalen over een negatieve ervaring snel gaan.’

Facility management worstelt met imago

Van der Weerd geeft aan dat niet alleen de schoonmaaksector, maar facility management in het algemeen kampt met een imagoprobleem: ‘FM is een economische studie, je wordt opgeleid tot business administrator. Maar de opleiding wordt nog wel eens gezien als een opleiding tot superconciërge of superschoonmaker. Dat maakt het niet populair.

‘Terwijl schoonmaak, van de facilitaire diensten, misschien de meest cruciale is voor een bedrijf. Schoonmaak heeft geen aantrekkelijk imago.

Gespecialiseerde schoonmaak aantrekkelijker

‘Ik merk dat het imago van gespecialiseerde schoonmaak zoals in ziekenhuizen, de voedingsmiddelenindustrie, maar ook glasbewassing – zeker van grote moderne gebouwen – anders is.

‘Grote glazen dakconstructies vragen om specialistisch onderhoud. Het schoonhouden hiervan in relatie tot het kostenplaatje; daarmee plaats je schoonmaak in een heel ander perspectief.’

Hoe kan de branche het negatieve beeld dat er van het schoonmaakvak is, positief beïnvloeden?

Van der Weerd: ‘We zien dat na een stage het beeld wel verandert. Studenten ervaren dat ze niet zozeer met schoonmaak zelf bezig zijn, maar met servicelevelagreements, teams aansturen en managen. Maar er zijn helaas weinig studenten die aangeven stage te willen lopen in de schoonmaakbranche.

‘Alhoewel Novon Schoonmaak uit Zwolle bij onze opleiding een uitzondering op de regel is. Dit bedrijf benadrukt het ondernemende. Het is niet de dienst die wordt geleverd – die is overal hetzelfde –, maar het is de dynamiek in het bedrijf die de studenten aanspreekt. Bij zo’n bedrijf valt het negatieve imago weg.

Schoonmaakdienstverlener aantrekkelijker bij meerdere diensten

‘Het bedrijf zit bovendien in onze werkveldadviescommissie. ISS is ook een voorbeeld van een bedrijf dat niet meer wordt gezien als schoonmaakbedrijf maar als leverancier van facilitaire diensten.’

Bronneberg herkent dit: ‘Een dienstverlener wordt als aantrekkelijker ervaren op het moment dat het niet om één dienst gaat, maar om een palet aan diensten.’

Branche moet zich binnen opleiding profileren

Hij nodigt schoonmaakbedrijven uit zich binnen de opleiding te profileren: ‘Wij staan open voor een collegecyclus waarin verschillende branches komen laten zien: dit is de branche. Technische installatiebedrijven spelen hier meer op in. Zelf nodigen we alumni uit die komen vertellen wat ze nu doen en wat de mogelijkheden zijn.

‘Van mijn kant zou ik aan de schoonmaakbranche willen vragen: Wat vinden schoonmaakondernemers dat een student in zijn mars moet hebben om in de schoonmaakbranche aan de slag te gaan?’

Studenten willen stoer

Ackers: ‘De laatste jaren zijn er al veel positieve acties vanuit de branche georganiseerd, maar het is een eeuwig terugkerend probleem ben ik bang. Ik zie hetzelfde probleem bij de zorg en bij gemeenten.

‘Studenten willen stoer. Ze willen bij grote, bekende bedrijven werken. Het moet sexy zijn, snel geld opleveren en studenten willen verantwoordelijkheid. Schoonmaak is niet stoer en sexy. Door gastcolleges of stages kan de branche ervoor zorgen dat studenten hun beeld bijstellen. Onderzoek als schoonmaakbedrijf waar studenten behoefte aan hebben.’

Van der Weerd ziet nog een andere kans: ‘Facility managers, maar ook schoonmaakbedrijven, kunnen al in een veel eerder stadium zich bezighouden met een gebouw. Niet pas nadenken over het onderhouden van een vloer als hij al ligt, maar anticiperen. In de ontwerpfase al je expertise laten gelden. Daarvan wordt de branche aantrekkelijker. Er ontstaat een adviesrol.’

Elbert-Jan Hesse: ‘Novon is geworden tot wat het is dankzij stagiaires’

Elbert-Jan Hesse, directeur NovonElbert-Jan Hesse, directeur Novon Schoonmaak, bood dit jaar een stageplek aan acht hbo-studenten, van wie vijf studenten facility management. Hij is lid van de werkveldadviescommissie van de Hanzehogeschool in Groningen.

PS sprak met hem over de toegevoegde waarde van stagiaires, het geven van gastcolleges en over waarom Novon onder studenten een aantrekkelijk stagebedrijf is.

Je krijgt er een mooi product voor terug

Hesse: ‘Ik heb zelf op de Hanzehogeschool gezeten en ik weet hoe belangrijk stages zijn. Bovendien: als je investeert in een stagiair, dan krijg je daar een mooi product voor terug.

‘Op de opleiding Facility Management verzorgen wij gastcolleges: wat doet een schoonmaakbedrijf en waar loop je tegenaan? Laatst gaf ik een gastcollege over inkoop in het algemeen, maar geïllustreerd vanuit onze eigen schoonmaakpraktijk.

‘Ik benader het onderwerp op andere manier’

‘Schoonmaak op zich is niet sexy, ik benader het onderwerp daarom op een andere manier. Dan hoop je dat op het moment dat tweedejaarsstudenten een keuze moeten maken voor een stage, zij je verhaal nog weten.

‘Als een stagiair bij ons op gesprek komt, dan is onze eerste vraag: Wat wil je leren? Wil je bezig zijn met Europese aanbestedingen, leidinggeven of wil je alles over het bedrijf weten en zoveel mogelijk meelopen?

‘Bij ons mag je alles doen, je krijgt overal inzicht in en je bent direct onderdeel van ons team. We zijn heel transparant. En de opdracht die je doet, wordt ook echt geïmplementeerd.

Studenten voegen daadwerkelijk iets toe

‘Sterker nog: Novon is geworden tot wat het is dankzij stagiaires. Zo hebben studenten Management Economie en Recht een automatiseringssysteem ontwikkeld – en daarmee een innovation award gewonnen –, is ons mvo-beleid bedacht door stagiaires en is een inkoopscan voor materialen en middelen geschreven door studenten van de Hanzehogeschool.

‘Op basis van dat advies hebben wij aanbesteed en een leverancier gekozen. Studenten voegen daadwerkelijk iets toe.

‘De schoonmaakbranche is voor jongeren interessant omdat je snel kunt doorstromen. Schoonmaakbedrijven zijn niet complex georganiseerd. Landelijke partijen hebben een programma voor high potentials en als je goed functioneert, is het maken van carrière bijna gegarandeerd. Je valt snel op.’

Lisanne Kooijmans: ‘Als je vandaag iets bedenkt, kun je het morgen doen’

Lisanne Kooijmans, rayonmanager NovonLisanne Kooijmans was in 2009 stagiaire bij Novon Schoonmaak. In 2010 studeerde zij af. Kooijmans werkte daarna even bij de Rabobank, maar koos in maart 2011 heel bewust voor een vaste baan als rayonmanager bij haar voormalige stagebedrijf.

Kooijmans: ‘Tijdens de opleiding kregen wij vaak gastcolleges. Een daarvan werd gegeven door Jacco Vonhof, eigenaar van Novon. Hij hield een heel leuk verhaal. Negen van de tien gastcolleges blijven niet hangen, maar toen ik in het tweede jaar drie voorkeuren voor een stagebedrijf moest opgeven, stond Novon bij mij op de eerste plek.

Ik wilde zoveel mogelijk zien

‘Op gesprek bij de directeur Elbert-Jan Hesse heb ik aangegeven niet een specifieke opdracht te willen doen, maar zoveel mogelijk te willen zien van het bedrijf. Hij zei: “Wat jij wilt, kun je hier doen”. En toen mocht ik komen.

‘Toen ik stage ging lopen, dacht ik nog niet: “Ik wil in de schoonmaak werken”. Het ging mij om het bedrijf. Het was een stage van twintig weken. In de eerste dagen heb ik meegelopen met schoonmaakmedewerkers, dat hoort erbij. Ik had daar niet zo’n zin in, maar dacht na één dag al: niemand kent de schoonmakers, ze moeten gezien worden.

Na stage gebleven

‘Na mijn stage brak de zomervakantie aan en heb ik op het bedrijfsbureau vakantiewerk gedaan, daarna werd ik steeds opgeroepen en ben ik voor een dag per week blijven hangen.

‘Na mijn afstuderen ben ik daarnaast voor drie dagen per week bij de Rabobank gaan werken als facilitair medewerker. Maar ik vond het daar helemaal niets.

‘Novon is heel open, als je vandaag iets bedenkt en het voegt iets toe aan het bedrijf, dan mag je het gelijk doen. Bij de Rabobank wordt alles van hoger hand besloten. Ik kreeg de kriebels.

Rayonmanager van 35 objecten

‘Gelukkig kon ik uiteindelijk fulltime bij Novon aan de slag. Ik ben nu rayonmanager van 35 objecten – van kleine kantoren tot een scholengemeenschap – en van een kleine honderd medewerkers. Geen dag is hetzelfde.

‘Het is druk en heftig, maar heel erg leuk. Soms denk je: ik heb alles op orde, maar dan zijn er opeens drie medewerkers ziek. Dan sta ik ‘s avonds in de sportschool en word ik gebeld.

‘Gelukkig heb ik een ploegje medewerkers waar ik altijd op kan rekenen. En als het dan is gelukt om het op te lossen, dan ben ik trots dat alles weer is geregeld. Ik zie zoiets ook niet als probleem, het is mijn werk en een uitdaging om ervoor te zorgen dat het goed gaat.

Uitdagende branche

‘Nu ik het wat langer doe, durven mensen te vragen naar mijn leeftijd. 24 is nog jong, maar ik heb niet het idee dat medewerkers mij gaan testen.

‘Voor zover ik weet is geen van mijn medestudenten in de schoonmaak gaan werken, maar ik zou studenten zeker aanraden om een tijdens de opleiding een kijkje te nemen in de schoonmaakbranche. Het is een uitdagende branche die altijd in beweging is.’

Uit: Professioneel Schoonmaken 12, 2011

Tags:, ,

Reageren?