Wetenschap: Sterrenstof

Professioneel Schoonmaken 6, 2012

In een column voor Professioneel Schoonmaken moet het vroeger of later aan de orde komen: het verschil tussen stofdeeltjes en lezers van dit blad, mensen dus.

We hopen natuurlijk dat dit verschil groot is want stof heeft een slechte reputatie: niemand bijt graag in het stof, niemand woont graag in een stofnest, fijnstof is gevaarlijk, en ga zo maar door. Niettemin hebben we kennelijk toch iets met stof gemeen gezien de bekende (begrafenis) uitspraak dat wij ‘stof zijn en tot stof zullen wederkeren’’.

Deze (uit het Bijbelboek Genesis) afkomstige stelling is vanuit scheikundig oogpunt goed te verdedigen. Stofdeeltjes en mensen bestaan namelijk allebei uit chemische verbindingen die elk een aaneenschakeling van atomen zijn. Deze atomen hebben een kosmische oorsprong want ze zijn ooit ontstaan in ineenstortende sterren.

Na hun schepping in deze astronomische hogedrukpan, gaan atomen op reis van de ene verbinding naar de andere. Zo kan een koolstofatoom als CO2 in de aardse dampkring terecht komen en via een keten van scheikundige processen onderdeel van uw lichaam worden. Tijdelijk, wel te verstaan want na uw dood vervolgt het betreffende koolstofatoom zijn reis en wordt, bijvoorbeeld, onderdeel van een roetstofje.

Gelukkig te dik

Stof en mens hebben dus een scheikundige overeenkomst maar gelukkig is er ook een belangrijk verschil. Want het gaat niet enkel om de chemische samenstelling van mensen en stofdeeltjes maar ook om hun grootte.

Kleine stofdeeltjes hebben een groot oppervlak per gram en kleven daardoor makkelijk vast aan tafel of vloer. Dat plakken wordt, naast elektrische lading en vocht, veroorzaakt door de klevende Van der Waalskracht.

Gram per glas

Dat deze kracht vooral effectief is voor een groot oppervlak, weet elke glazenier: als je twee vensterruiten op elkaar legt, kun je met de bovenste ruit de onderste optillen tegen de zwaartekracht in. Maken we de ruiten dunner, dan wordt het oppervlak per gram glas groter en kleven de ruiten sterker aan elkaar.

Vergeleken met stof zijn wij veel te dik om last te hebben van de Van der Waalskracht. En dat is maar goed ook want anders moesten we ons steeds zien los te duwen van een muur (of van elkaar).

In tegenstelling tot stof staan we makkelijk op van de vloer tegen de zwaartekracht in. Aan de lijn doen heeft hier geen enkel effect: we zijn in dit opzicht altijd te dik. Enkel wie zo dun is als een stofje heeft genoeg oppervlak per gram om aan de vloer te kleven.

Lucht is geen stofdoek

En zo fungeert een schone tafel als een kleverige landingsbaan voor stof. De aangroeiende stoflaag is daarbij weinig gevoelig voor tocht: luchtstromingen in huis zijn meestal niet sterk genoeg om stofjes los te trekken van een oppervlak. Dat geldt zelfs voor de luchtverplaatsing die wordt opgewekt door een ventilator.

Je zou verwachten dat een ventilator door de ronddraaiende beweging stof van zich afslingert. Maar zelfs hier zijn luchtsnelheden niet groot genoeg om al het plakkend stof weg te blazen. Ventilatoren zijn niet zelfreinigend: strijk met uw vinger maar eens langs een (stilstaand) ventilatorblad.

Prof. dr. A.P. Philipse
Hoogleraar Fysische en Colloidchemie aan de Universiteit Utrecht

Reageren?