RGN kiest voor landelijke aanpak grote industriële schades

schade

Reconditioneringsgroep Nederland (RGN), het landelijke samenwerkingsverband van zeven regionale reconditioneringsbedrijven met 16 vestigingen, gaat industriële en andere grote en complexe schades landelijk aanpakken.

Hiervoor is het land onderverdeeld in vier regio’s – Noord, Oost, Zuid, West – met elk een eigen coördinator: Willem Brouwer (RGN NIVO Calamiteitendiensten) voor de regio Noord, Pieter de Rijke (RGN Euro Cleaning) voor de regio Oost, Marcel Haaksman (RGN HHG/Ureco)voor de regio Zuid en René Noort (RGN Den Haag) voor de regio West.

Calamiteit in de regio

Zij zullen bij grote calamiteiten en anderszins complexe schades in principe de aansturing en coördinatie verzorgen van de calamiteit in hun eigen regio, waaronder het inzetten van voldoende voor de betreffende calamiteit toegeruste medewerkers vanuit de zeven RGN-bedrijven.

Indien zij zelf om welke reden dan ook niet beschikbaar zijn (ziekte, vakantie, andere projectcoördinaties) dan zal één van de overige coördinatoren deze werkzaamheden op zich nemen.

Schademelding

Bij de nieuwe, landelijke aanpak komt een schademelding centraal binnen bij de RGN-organisatie in Geldermalsen of bij één van aangesloten bedrijven. Is er sprake van een grote calamiteit, dan wordt deze gemeld aan de RGN-centrale, die vervolgens contact opneemt met de coördinator in de betreffende regio.

Deze pakt de opdracht vervolgens op, maakt een plan van aanpak en stelt uit de beschikbate specialisten van de zeven RGN-bedrijven een team samen, bij voorkeur met mensen uit de eigen regio maar zo nodig ook van daarbuiten.

De regio Noord omvat ruwweg de provincies Groningen, Friesland en Drenthe en de regio oost de provincies Overijssel, Gelderland en Flevoland. Zeeland, Noord-Brabant en Limburg vormen gezamenlijk regio Zuid, terwijl regio West de provincies Noord- en Zuid-Holland en Utrecht omvat.

Voordelen nieuwe aanpak

Over de keuze voor een landelijke aanpak voor de grotere industriële calamiteiten, voert RGN-directeur Gerard van Engelenburg zowel praktische als strategische redenen aan: “Als RGN hebben we bij onze opdrachtgevers in de loop der jaren een goede naam opgebouwd voor de uitvoering van allerlei reconditioneringswerkzaamheden. Opdrachtgevers weten ons hiervoor dan ook in toenemende mate te vinden, zeker op het gebied van schades in het particuliere segment.

“We hebben echter het idee dat wij voor grotere, industriële schades minder snel worden ingeschakeld. En dat terwijl al onze vestigingen ook hiertoe stuk voor stuk adequaat zijn toegerust, zowel qua mankracht, deskundigheid als wat het materieel betreft.”

Complexe industriële schades

De zeven RGN-bedrijven hebben gezamenlijk ca. 450 goed opgeleide medewerkers in dienst. “Een groot deel is uitstekend geëquipeerd om de grotere meer complexe industriële schades te behandelen. Onbekend maakt kennelijk onbemind. Door de nieuwe aanpak denken we de voordelen van onze dienstverlening in dit segment nadrukkelijker onder de aandacht van de markt te kunnen brengen”, aldus Van Engelenburg

Volgens hem is het praktische voordeel van de landelijke aanpak van grote calamiteiten zit in het feit dat hierbij de specialisten van alle zeven RGN-bedrijven worden vrijgemaakt. “Industriële schades vragen toch om een eigen, professionele aanpak. Het is een vak apart. Specifieke know how van en ervaring met dit specialistische werk van de reconditioneringsmedewerkers is dan ook essentieel. Wij denken onze opdrachtgevers hiermee in het vervolg nog beter en sneller van dienst kunnen zijn.”

Meer informatie: www.rgn.nu

Reageren?