Gebouwonderhoud: congres geeft antwoorden

glazenwasser

Op 15 en 16 mei jl. vond dit congres plaats, op initiatief van brancheorganisatie OSB en het Liftinstituut. De deelnemers hoorden hier waar ze op moeten letten als het om verantwoord gebouwonderhoud gaat. Een impressie.
Verschillende sprekers gingen, elk vanuit hun eigen invalshoek, op het thema in. Vóór de pauze lag het accent op efficiënt gebouwonderhoud, daarna op de aansprakelijkheids- en veiligheidsaspecten die bij gebouwonderhoud komen kijken.

Conditiemetingen

Imro Garcia en Joost Denneman, beiden werkzaam bij adviesbureau Eurlicon, benadrukten het belang van het uitvoeren van conditiemetingen aan een gebouw en aan de installaties die zich hierin bevinden.

Zij stellen voor dit te doen op basis van de norm NEN 2767. “Door gebruik te maken van deze norm bij het meten, krijg je niet alleen een objectief resultaat, maar kun je ook beter prioriteiten stellen bij het onderhoud dat je laat uitvoeren’’, zo stelden zij. “De levensduur is daarbij niet meer bepalend. Je vervangt dus pas als het écht noodzakelijk is.’’ In deze tijd van bezuinigingen een prettig geluid.

Congres Verantwoord GebouwonderhoudBouwinvest

Eric-Jan Dekkers, senior technisch manager bij Bouwinvest, vertelde over de praktijkervaringen van dit bedrijf met conditiemetingen volgens de NEN 2767. De belangrijkste redenen om over te gaan tot deze metingen waren, aldus Dekkers, “vergelijkbaarheid en eenduidigheid en de mogelijkheid om objectief te plannen en effectief te onderhouden.’’

Inkoopproces

Over hoe je tot een verantwoorde leverancierskeuze komt bij gebouwonderhoud, informeerde Nico Koch, beleidsadviseur KAM en Economie bij OSB, de bezoekers.

Koch: “Wat er uit een inkoopproces komt, wordt bepaald door wat je erin stopt. Een goed begin is het halve werk. Definieer dus eerst goed wat je wilt en oriënteer je vervolgens op wat er ‘te koop’ is en welke bedrijven dit zouden kunnen leveren.

“Let er bij die bedrijven ook op dat ze betrouwbaar zijn, zich houden aan de wet- en regelgeving en voldoen aan kwaliteits- en vakbekwaamheidseisen. Zorg daarnaast voor voldoende draagvlak, door gebruikers en interne deskundigen te betrekken bij het inkoopproces. Vraag zo nodig meer offertes aan en let op meer zaken dan alleen de prijs.

Verantwoordelijkheid gebouweigenaren

De volgende spreker, advocaat Maurits Mazel van Boekel De Neree, ging in op de juridische aspecten van gebouwonderhoud. Niet alleen gaf hij aan wanneer de gebouweigenaar mogelijk aansprakelijk kan worden gesteld bij ongevallen tijdens onderhoud, maar ook in hoeverre dit geldt voor de werkgever van de onderhoudsmedewerker.

“Met name de werkgever heeft een zware zorgplicht”, gaf hij aan. Maar de zorgplicht gaat verder, aldus Mazel: “Volgens artikel 1a lid 2 van de Woningwet draagt een ieder die een bouwwerk bouwt, gebruikt of laat gebruiken of sloopt er zorg voor dat er als gevolg van dat bouwen, gebruik of slopen er geen gevaar voor de gezondheid ontstaat of voortduurt.“

Veilig werken

De laatste spreker, Koos van Lindenberg, woordvoerder van het Liftinstituut, ging in op het veilig werken aan, op, in en om gebouwen. Basisvoorwaarden daarbij zijn een veilige werkomgeving, veilige arbeidsmiddelen, goed opgeleide mensen, toezicht en het goed informeren van betrokkenen.

Ook noemde hij de grootste risico’s die zich voordoen. Vallen van hoogte staat daarbij bovenaan. “Bij werken op hoogte zie je vaak ‘schijnoplossingen’ om veilig werken te bevorderen. Het beste is echter om borstwering en hekwerken aan te brengen. Een alternatief is dakrandbeveiliging’’, zo stelde hij. Ook liet Van Lindenberg zien wat veilige werkmethodes zijn bij gevelonderhoud en wat niet.

Meer informatie? Wilt u meer informatie of wilt u de diverse presentaties van dit congres nalezen? Stuur dan een e-mail met uw gegevens naar info@liftinstituut.nl

Informatie: www.glazenwassersvakbeurs.nl, www.liftinstituut.nl

Reageren?