Transport en opslag reinigingsmiddelen

Zonder transport geen schoonmaak. Naast mensen en materieel moeten ook schoonmaakmiddelen van de fabrikant naar de schoonmaaklocatie. Soms gaat dat niet direct maar via een magazijn of andere opslaglocatie. En aan opslag en transport van gevaarlijke producten worden eisen gesteld.

Transport en opslag zijn eigenlijk niet los van elkaar te zien. Gelukkig is deze koppeling ook door de wetgeving vastgelegd. Is een product niet gevaarlijk voor transport dan hoeft u ook geen (extra) maatregelen te nemen voor de opslag in het kader van de wetgeving.

De eerste vraag is dus: Is het product dat u wilt vervoeren gevaarlijk volgens de transportwetgeving? Veel producten zijn namelijk wel voor gebruik ingedeeld als gevaarlijk, maar niet voor transport. Denk hierbij bijvoorbeeld aan veel irriterende producten.

Bepalen of product gevaarlijk is

Een groot deel van de transportwetgeving bestaat uit criteria om te bepalen of een product gevaarlijk is voor transport en hoe getest moet worden. De resultaten van de testen bepalen het UN-nummer, de klasse en de verpakkingsgroep.

Voor inkopers van reinigingsmiddelen is het eigenlijk heel eenvoudig: kijk in rubriek 14 van het Veiligheidsinformatieblad. Daar staat of ‘niet ingedeeld voor transport’ of een zogenaamd UN-nummer. Zodra het product een UN-nummer heeft, wordt het voor transport en opslag in Nederland gezien als gevaarlijk.

Transport over de weg

Transport van gevaarlijke goederen over de weg wordt geregeld in de zogenaamde ADR-wetgeving. De kern van de transportwetgeving is dat gevaarlijke producten alleen vervoerd mogen worden als aan alle eisen in het ADR is voldaan.

Deze wetgeving is van toepassing op alle gevaarlijke producten en stoffen, zoals:

– explosieven
– benzine
– computeraccu’s
– zelf opblaasbare reddingsvesten
– en parfums.

Of deze nu zijn verpakt in monsterflesjes van 5 gram, in gasflessen, jerrycans, oliedrums of complete tankwagens. Voor elk UN-nummer, elke klasse en elke verpakkingsgroep wordt in een tabel in het ADR voorgeschreven welke maatregelen genomen moet worden om te mogen vervoeren.

Vrijstelling voor vervoerseisen

In het ADR zijn bepaalde typen vervoer van gevaarlijke stoffen expliciet uitgezonderd van alle regels. Een vrijstelling waarvan u regelmatig privé gebruikmaakt, is de uitzondering voor particulieren die verpakte producten voor de detailhandel mogen vervoeren.

Bijvoorbeeld de ontkalker die u vanuit de supermarkt achter in de auto mee naar huis neemt. Ook de benzinetank in uw auto is te zien als tankvervoer van benzine. Het ADR zondert dit expliciet uit.

Vrijstelling van ADR-regels

Voor een schoonmaakbedrijf is er ook een bruikbare vrijstelling van alle ADR-regels. Vrij vertaald zegt de regel dat u als ondernemer – na het nemen van maatregelen tegen lekkage – tot maximaal 450 liter* per verpakking mag vervoeren, als dit vervoer ondergeschikt is aan uw hoofdbedrijfsactiviteit.

Denk hierbij aan de dagvoorraad die een schoonmaker in de auto heeft om op verschillende locaties schoon te maken. Het vervoeren van producten naar een schoonmaaklocatie (interne of externe distributie) zijn niet vrijgesteld.

Gedeeltelijke vrijstellingen

Daarnaast is er voor ondernemingen ook een aantal gedeeltelijke vrijstellingen mogelijk: het vervoer volgens 1000-puntenregeling, vervoer van producten verpakt in gelimiteerde hoeveelheden (LQ) of verpakt in vrijgestelde hoeveelheden.

Kunt u geen gebruik maken van deze (gedeeltelijke) vrijstellingen, dan moet u verplicht gebruikmaken van een zogenaamde ADR-veiligheidsadviseur. Een ADR-veiligheidsadviseur heeft een staatsexamen afgelegd bij het CBR. U kunt een eigen personeelslid opleiden tot veiligheidsadviseur of deze extern inhuren. De veiligheidsadviseur kan u vervolgens over de volledige wetgeving adviseren.

Opslag schoonmaakmiddelen

Voor de opslag van schoonmaakmiddelen moeten de opslagregels worden gevolgd die voor de betreffende locatie van toepassing zijn. De opslagregels staan in het Activiteitenbesluit (kleinere hoeveelheden) of in de milieuvergunning van de locatie.

De eisen zijn afhankelijk van de opgeslagen hoeveelheden en het specifieke gevaar dat bepaalde producten, stoffen of combinaties geven. In beide gevallen zijn alle wettelijke eisen gebaseerd op de zogenaamde PGS-15.

De PGS-15 beschrijft het opslaan van verpakte gevaarlijke producten volgens de huidige stand der techniek. Denk daarbij aan de bouwkundige uitvoering van opslagvoorzieningen, brandbestrijdingssystemen en arbeidsmiddelen.

Vrijstellingen voor opslag

Gelukkig kent het Activiteitenbesluit ondergrenzen waaronder geen aanvullende maatregelen hoeven te worden genomen bij de opslag van producten. De hoeveelheid die u mag opslaan is afhankelijk van de ADR-klasse van het product.

Voor Klasse 8 en Klasse 9 mag u bijvoorbeeld 250 kilogram of liter zonder aanvullende maatregelen opslaan, als het verpakkingsgroep II en III betreft. Zijn de ongeopende verpakkingen gekenmerkt als LQ (herkenbaar aan het onderstaande symbool) dan mag u zelfs het dubbele opslaan zonder aanvullende maatregelen.

De voorraad moet natuurlijk wel verantwoord worden opgeslagen. Dat wil zeggen dat opslag niet op de werkvloer mag plaatsvinden, tenzij het gaat om een hoeveelheid die daadwerkelijk op dat moment wordt gebruikt.

Wilt u opslaan bij uw klant op basis van deze vrijstelling, overleg dan of dit kan. Mogelijk dat uw klant al in verband met zijn eigen werkzaamheden de genoemde vrijstelling volledig gebruikt. Ook kan het zijn dat uw klant een milieuvergunning heeft, waardoor de vrijstelling niet meer van toepassing is en er mogelijk ook eisen gelden voor de opslag van schoonmaakproducten.

Regels veranderen regelmatig

Transport en opslageisen zijn complex. Zorg dat u goed weet wat u vervoert en opslaat. De regels veranderen regelmatig. Vooral doordat producten steeds vaker voor transport en opslag ingedeeld worden, maakt dat dit onderwerp regelmatig goed bekeken moet worden. Als u de regels goed kent of u goed laat adviseren, kunt u kosten besparen.

*Voor ‘gewone’ reinigingsmiddelen geen probleem, maar voor de volledigheid: deze 450 liter mag niet komen boven de grenzen van de 1000-punten regeling (ADR 1.1.3.6) en vervoer van radioactieve stoffen (Klasse 7) mag niet via deze uitzondering.

Door: Ir. Daniëlle van Corven-Kloosterman, werkzaam op de afdeling Scientific and regulatory affairs bij NVZ-Nifim (www.nvz.nl).
Uit: Professioneel Schoonmaken 6, 2011

Reageren?